
Na zijn herseninfarct moest Henk zichzelf opnieuw uitvinden. Hij begon aan een ontdekkingsreis naar Henk 2.0. Want wat ooit zo gewoon voor hem was, bleek ineens een krachttoer van jewelste. En wat vroeger niet in zijn woordenboek voor zou komen, is nu dagelijkse realiteit.
Zelfs na 8,5 jaar is Henk 2.0 nog steeds een vreemde voor hem. Iemand die hij eigenlijk helemaal niet wil leren kennen. En waar hij het liefst met een grote boog omheen zou willen lopen.
Niet gek dus dat hij bijna continu achterom kijkt, op zoek naar zijn oude, vertrouwde “ik”. In de hoop dat die achter hem voor het grijpen ligt, of hem op zijn minst als een trouwe schaduw volgt. Hij zoekt, kijkt, roept, schreeuwt en vraagt “Henk waar ben je nou?”. Zonder Henk, zonder de man die hij ooit was, is hij verloren in een wereld die niet langer bekend en vertrouwd voelt.
Hij knokt, hij traint, hij daagt zichzelf uit en blijft maar doorgaan, blijft proberen, blijft zoeken. Opgeven is geen optie en stilstand is achteruitgang. Twee uitspraken, die samen zijn dagelijkse motto vormen.
Ik zie hem worstelen. Niet alleen met een lichaam dat niet als zijn lichaam voelt. Maar ook met alle niet zichtbare gevolgen. Kwartjes die traag vallen. En dat voor een razendsnelle denker. (Te) vaak een hele middag slapen, om alle prikkels te verwerken, een kapot brein de broodnodige rust te gunnen. En dan met een nog net zo lege batterij wakker worden. Totaal niet uitgerust zijn. Net voldoende energie hebben om te eten en daarna gelijk zijn bed in te duiken.
Formule 1 of een etappe van de Tour de France willen kijken. En halverwege af moeten haken omdat zijn ogen het beeld niet meer bij kunnen houden. En zijn hersens alle prikkels niet meer kunnen verwerken. En dan een week later ineens wel de hele race kunnen kijken én tegelijkertijd op een 2e scherm de rondetijden bij kunnen houden. Er is geen peil op te trekken. Ook dat is Henk 2.0.
Op het laatste moment een feestje af moeten zeggen of toch niet naar dat concert kunnen gaan. Omdat er die dag te veel gebeurd is. Het kapotte brein overuren draait. Hij letterlijk misselijk is van vermoeidheid en overprikkeling. Ineens midden in een gesprek opstaan en naar huis willen omdat zijn brein het simpelweg niet meer trekt. Of niet naar die verjaardag kunnen, maar wel naar de Red Hot Chili Peppers in het Goffertpark. Leg dat maar eens uit aan iemand die geen hersenletsel heeft.
Zo veel willen, maar nog maar zo weinig kunnen. Emoties die niet meer te regelen zijn. Ineens heel boos worden. En dat na 5 minuten vergeten zijn. Of zo verdrietig dat hij ontroostbaar is. In paniek zijn als hij mij niet ziet. Alleen rustig worden van mijn stem of mijn geur. Net als een kind heel puur en goudeerlijk kunnen reageren. Ook dat is Henk 2.0.
Ik leer hem steeds een beetje beter kennen en kan hem ook steeds beter ‘lezen’. Maar ook ik sta nog regelmatig voor verrassingen. Of word op het verkeerde been gezet door een brein dat kapot is. Dat ineens een andere route kiest of een grote omweg neemt. Ook voor mij maakt NAH van Henk 2.0 soms nog een grote onbekende. Die dingen doet of zegt waar ik met mijn verstand niet bij kan. Laat staan hoe dat voor Henk moet zijn. Het is immers zijn brein dat ineens besluit een eigen koers te varen, dat zich niet laat sturen en waar NAH heer en meester is over de wegenkaart, Google Maps, het stuur én het gaspedaal.
Meerdere keren per dag wordt Henk door NAH keihard teruggefloten. Als je dat weet, is het ineens een stuk beter te begrijpen dat Henk wel eens anders kan reageren dan je zou verwachten. Of dan je van hem gewend bent. Als dat zo is, realiseer je dan dat NAH op dat moment de regie heeft overgenomen. En heb begrip en wees een beetje lief voor hem.