In mijn vorige blog nam ik jullie mee in ons besluit om naar Frankrijk te vertrekken. Ik schreef over mijn omscholing tot rouw- en verliescoach en mijn plannen om na de zomer een online praktijk op te zetten. Ik begin hiervoor inmiddels aardig thuis te raken in de Franse equivalenten van de Nederlandse eenmanszaak en ook de studieboeken blijven niet onaangeroerd. Deze zomer nemen we echter eerst bewust de tijd om te acclimatiseren, te landen in ons Franse leven. Ook gunnen we onszelf deze eerste weken de tijd om op te laden, om toerist te spelen en om nieuwe energie op te doen.
Dat neemt niet weg dat ook het uitwerken van de business plannen voor onze conciergerie en voor mijn praktijk als rouw- en verliescoach in mijn hoofd bijna non-stop door gaat. Het geeft veel nieuwe energie om met iets compleet anders bezig te zijn. Het zorgt er tegelijkertijd voor dat ik weinig kans krijg om Nederland of mijn vroegere HR werkzaamheden te missen.
Volgens de Franse cijfers is Frankrijk met ruim 3 miljoen tweede huizen koploper in Europa. Ook in onze regio zijn er veel 2e huizen, van Fransen, maar ook van Nederlanders, Engelsen en Belgen. En er komen er steeds meer bij. Ook zijn er steeds meer Nederlanders en Belgen die zich hier permanent vestigen. Met een breed pallet aan services richten wij ons met onze conciergerie op beide groepen en bedienen wij zowel de 2e huizenbezitters als degenen die zich hier permanent gevestigd hebben. Bijvoorbeeld door te bemiddelen op al die vlakken waar de Franse taal een barrière vormt. Of door als sleutelbeheerder een oogje in het zeil te houden als de eigenaar er zelf niet is, en het huis te controleren op schade na onweer, hagel , strenge vorst of zware storm. Maar ook zaken als het luchten of opwarmen van het huis voor aankomst , klein onderhoud, stookolie / gas / stookhout bestellen en ontvangen, post doorsturen naar Nederland, de eerste boodschappen in huis halen en de koelkast vullen, of de schoorsteen laten vegen, behoren straks tot ons dienstenpakket.
Ik vind het mooi om te zien hoe Henk met de commerciële kant van ons bedrijfsplan bezig is, hoe hij plannen maakt om onszelf bekend te maken in de regio. En hoe hij hier inmiddels ook al de eerste voorzichtige concrete stappen voor aan het zetten is. Ik merk dat dit hem energie geeft , dat het goed is voor zijn zelfbeeld en zijn zelfvertrouwen. En laat dat nou net een belangrijke reden zijn geweest om samen dit avontuur aan te gaan.
Een avontuur waarvan wij niet weten waar het ons uiteindelijk zal gaan brengen. We merken allebei dat het ons goed doet om hier te zijn. Het is vertrouwd en vreemd tegelijkertijd. Vertrouwd omdat we al 6,5 jaar iedere vakantie in dit huis hebben doorgebracht. Maar tegelijkertijd is het vreemd en voelt het onwennig. We namen eerder altijd de hectiek van Nederland met ons mee en hadden tijdens iedere vakantie een hele waslijst van dingen om ‘snel snel’ te doen. Maar ook ons werk namen we altijd mee, we hebben hier in de voorgaande jaren dan ook aardig wat uurtjes samen aan de keukentafel doorgebracht, ieder achter een laptop, turend naar het beeldscherm, of met een telefoon aan ons oor. Die druk is nu weg. Dat geeft rust, maar brengt tegelijkertijd ook een nieuw soort spanning, een nieuw soort onrust. Hier wonen is immers nog een nieuw en ongrijpbaar fenomeen. Als dit voor mij al lastig is, hoe moeilijk moet dat dan wel niet zijn voor Henk en zijn beschadigde brein.
Maar ook hier slaat hij zich, zoals bij alles wat hij doet, over het algemeen goed doorheen. Ook al wankelt hij soms, ook al voeren angst en spanning soms de boventoon, ook al is het bij vlagen zwaar en zoekt hij nog naar een nieuw evenwicht. Ik vind het dapper, stoer ook, dat Henk deze stap heeft durven, heeft kunnen, zetten. Een sprong in het diepe, op weg naar het onbekende, het onzekere tegemoet, terwijl voor Henk zekerheden en vastigheden juist zo belangrijk zijn geworden. Tegelijkertijd vind ik het ook best een beetje stoer, en dapper, van mijzelf. Ons credo is echter niet voor niets al ruim 12 jaar: “samen kunnen wij alles”. Dus ook deze stap kunnen wij samen aan. Ook al is het soms moeilijk, voor Henk, maar ook voor mij. Ook al worden pieken afgewisseld door soms diepe dalen.
Het roer is om, maar het pad oogt nog wat hobbeliger dan wij ons voorgesteld hadden. In ons enthousiasme, of noem het naïviteit, hebben we er iets te weinig rekening mee gehouden dat NAH als een wat sombere, mopperige, zwaarmoedige metgezel met ons mee zou reizen. In mijn hoofd wist ik dat onze altijd zo magische plek echt geen miraculeus recept tegen alle (on)zichtbare bijwerkingen van NAH zou zijn. Hoewel ik in mijn hart natuurlijk anders had gehoopt. Maar dat onze magische plek af en toe licht vertroebeld dreigt te raken door de met ons mee reizende NAH had ik me vooraf nooit kunnen bedenken. Toch is het zo, helaas. De wondere wereld die NAH ons bracht, blijft ons nog met regelmaat verwonderen. We zijn nog iets te vaak de tomtom en de oude vertrouwde wegenkaart “kwijt”, en het is voor ons allebei nog zoeken naar de beste weg op ons nieuwe, nog niet gebaande, levenspad. Zoeken naar het juiste evenwicht tussen prikkelrijk en prikkelarm. Zoeken naar de juiste rustpunten, in een dag, in een week, in een maand en in een jaar. Zoeken naar de juiste balans tussen actief zijn en rust nemen.
We hebben de afgelopen 1,5 jaar vaker een verandering van een eerder opgebouwde regelmaat, een vertrouwd geworden ritme, meegemaakt. En al die veranderingen brachten hun eigen gewenningsproces met zich mee. En net zoals al die keren hiervoor zullen we ook nu weer wennen aan alle veranderingen, zullen we ook nu weer een ritme vinden dat past bij Henk, zijn NAH, en bij mij. Ik realiseer me soms nog te weinig dat ik daarin een sleutelrol speel en dat ik nog wel eens te veel, te snel wil. Het grote verschil met de eerdere veranderingen is echter dat het nu voor mij ook allemaal nog zo nieuw is, dat ik zelf ook nog zoekende ben. Maar ook hier zal ik weer een weg in weten te vinden. Dat is mij eerder immers ook gelukt.
Hoewel het in onze eerste Franse weken soms dus kan voelen als koorddansen op een te hoog, te wiebelig koord, zonder voldoende valbescherming, voelt iedere dag hier tegelijkertijd ook als thuis zijn. In iedere blik op het mooie landschap om ons heen zit de juistheid van onze keuze verscholen. Ook in het feit dat Henk in de eerste weken hier opnieuw zichtbare vooruitgang heeft geboekt, dat er dagen zijn waarop hij geestelijk en emotioneel sterker is, blijer is, zie ik bevestiging dat het een juiste keuze is geweest om een sabbatical in Frankrijk te nemen. Deze momenten geven mij de kracht om door te gaan, ook (of juist) op de dagen waarop Henk het moeilijk heeft en veel somberder en verdrietiger is.
Op Facebook zag ik onlangs een terugblik op 21 mei 2017, Henk’s eerste werkdag als vrijwilliger. Inmiddels zijn we niet alleen een jaar, maar ook al 3 vrijwilligersplekken verder.
En dan ineens is er 1,5 jaar verstreken. Wat is er in die 1,5 jaar veel gebeurd! En, veel belangrijker, wat heeft Henk in die 1,5 jaar ongelooflijk veel bereikt!
Zaterdag 3 december 2016 leek een zaterdag als vele anderen te worden. Tot ik rond kwart over 10 naar boven liep en ik ergens halverwege de trap mijn wereld in zag storten. Dat was het moment dat ik Henk languit op de vloer tussen de kledingkasten zag liggen. Een moment dat voor altijd op mijn netvlies gegrift staat, een moment dat ik nooit meer zal vergeten. Mijn hersenen weigerden dienst en de wereld draaide een paar seconden in slow motion door. Eén tree hoger kwam het besef echter in volle hevigheid binnen. Ik vloog de resterende treden op, rende de slaapkamer in om de telefoon te pakken en 112 te bellen. Ik hoorde mijzelf woorden zeggen als “echtgenoot” en “beroerte” terwijl ik dacht “dit kan niet over mij gaan”. Tegelijk wist ik ook dat dit geen enge boze droom was, waaruit ik snel wakker zou worden. Dit was ineens geen zaterdag meer als al die zaterdagen daarvoor.
Na zijn herseninfarct heeft Henk 1,5 week in het ziekenhuis gelegen en is daarna overgebracht naar Rijndam Revalidatiecentrum in Rotterdam, waar hij na 10 dagen – eindelijk – met zijn revalidatie kon beginnen. In RIjndam werd hem al vrij snel gevraagd welke doelen hij tijdens de revalidatie wilde bereiken. Henk had vanaf dag 1 een enorme focus op het herstel van zijn lichaam. Hij wilde kunnen lopen, kunnen sporten, toertochten kunnen fietsen op zijn racefiets, kunnen klussen. Hij wilde bezig kunnen zijn, en zijn actieve en sportieve leven kunnen leven alsof er niks gebeurd was. Zijn doelen klonken dan ook heel stellig: body pump, snowboarden, spinning, op de racefiets en de mountainbike, kunnen klussen aan huis en auto. Doelen die hij liefst nog gisteren wilde bereiken, want Henk kon niet wachten om zijn leven van voor 3 december 2016 weer op te pakken.