Stil verdriet of klein geluk?

In dit hoekje op het wereldwijde web laat ik mijzelf meestal van mijn meest positieve kant zien. Dat doe ik niet om ‘mooi weer’ te spelen of een Instagram-waardig plaatje van ons leven te laten zien. Ik zit van nature zo in elkaar en bekijk de wereld met een zonnige blik. Ik zoek naar de mooie kanten van een verhaal, focus graag op klein geluk en houd de “blije dingen” zo lang mogelijk vast. Maar natuurlijk bestaat ons leven lang niet altijd uit zonneschijn. Zeker sinds NAH onze trouwe metgezel werd, doemen er vaker dan mij lief is donkere wolken aan de horizon op.

Hoeveel klein geluk ik ook zie, hoe blij ik me over het algemeen ook voel, hoe gelukkig ik ben met alles wat we samen delen, samen doen en waar we samen van genieten, ik kan mijn ogen lang niet altijd sluiten voor het verdriet, het verlies en de oh zo rauwe rouw.

Alleen schrijf ik daar niet zo vaak over. Vandaag besloot ik om daar voor een keer verandering in te brengen. Want ook dit is de wondere wereld van NAH. Ook dit is onderdeel van het verhaal. En ook dit mag het daglicht zien.

Rouw bestaat voor mij uit:
Het gemis van wat ooit was, wat nooit meer zal zijn, alle dromen die geen werkelijkheid worden.
Het verdriet om Henk’s verlies, om zijn verdriet, om zijn pijn. Het verdriet om hem te zien tobben, te zien worstelen met een lichaam dat zelfs na ruim 8 jaar nog niet als het zijne voelt. Het verdriet om zijn onmacht, mijn eigen onmacht, zijn en mijn frustratie.
De letterlijke én de mentale eenzaamheid.
Het continue zorgen maken om Henk, op zo ontelbaar veel vlakken.
Al die ballen en er nooit eens eentje kunnen laten vallen, zelfs niet even op de grond neer kunnen leggen.
Al die beslissingen die ik moet nemen, alle keuzes die ik moet maken. Elke dag opnieuw komen dingen op mijn schouders terecht.
Het niet even op iemand kunnen leunen als het mij tegenzit, als ik moe ben, of als alles mij simpelweg even te veel wordt.

Deze rouw is er altijd, als een rode draad, overal, waar ik ook ga, wat ik ook doe, met wie ik ook ben.

Het heeft mij gevormd en maakt mij bij vlagen enorm kwetsbaar. Ook mis ik soms het zorgeloze in mijzelf. Tegelijk heeft het mij geleerd wat onvoorwaardelijke liefde is. Het heeft mij sterker gemaakt, krachtiger ook, en weerbaarder, flexibeler en in sommige opzichten zachter. Er is een soort oerkracht in mij losgemaakt. Ik ben er door gegroeid, als mens, als HR vakvrouw. En ook dat ervaar ik als klein, of misschien zelfs wel groot, geluk. Ik ben nog steeds dezelfde ik, maar volg een iets ander spoor dan ik zonder NAH gedaan zou hebben.

Misschien volg ook jij een ander spoor dan verwacht, ervaar ook jij de rauwheid van rouw, de diepte van het gemis, de golven van het verdriet. Misschien herken jij je in mijn woorden. Dan hoop ik dat ook jij jouw kleine geluk hebt leren vinden. Dat het jou net als mij omarmt als je een arm nodig hebt, troost als je een schouder zoekt om op uit te huilen. Dat het je leven kleur geeft, je helpt om de stormen te doorstaan, en om na de regen de zon weer te zien schijnen.

De dag waarop ons leven opnieuw begon

DSC_2381Gisteren was “het” alweer 2 jaar geleden, maar tegelijkertijd voelt het nog als de dag van gisteren. Zaterdag 3 december 2016, de dag waarop de wereld even tot stilstand kwam. De dag waarop onze rit in de rollercoaster begon. De dag waarop onze reis door de wondere wereld van NAH van start ging. De dag waarop onze toekomst herschreven werd. Maar ook de dag waarop ons leven samen opnieuw begon. Gelukkig wist ik toen nog niet wat ik nu allemaal weet. En tegelijkertijd is er ook genoeg wat ik toen graag wel al had willen weten.

Ik ben bijvoorbeeld blij dat ik pas gaandeweg ontdekt heb hoe onmogelijk lastig het bleek te zijn om werk en privé te combineren. Ik ben blij dat ik pas gaandeweg ontdekte hoe bezorgd ik om Henk geworden was, en bleef. Ik ben blij dat de frustraties, het verdriet, het gevoel van onmacht toch een soort van gedoseerd voorbij gekomen zijn, en dat ik 2 jaar geleden nog niet wist hoeveel emoties ik zou moeten overwinnen. Ik ben blij dat ik op 3 december 2016 nog niet wist hoe zwaar de strijd voor Henk zouden worden. Ik ben blij dat ik nog geen benul had van NAH. En ik ben blij dat ik nog geen weet had van de depressie waar Henk onder gebukt zou gaan

En tegelijkertijd vind ik het jammer dat ik toen niet wist hoe goed Henk zou herstellen – ook al is hij daar zelf nog helemaal niet tevreden over. Ik vind het jammer dat ik toen nog niet wist dat we zoveel lieve mensen zouden treffen. Mensen die er – gevraagd en ongevraagd – voor Henk en mij zijn op de momenten dat we ze nodig hebben. Mensen die Henk gemotiveerd hebben om steeds weer dat stapje extra te doen.  Mensen die Henk gesteund en geholpen hebben om te komen waar hij nu is. Ik vind het jammer dat ik me zorgen heb gemaakt dat we ons huis in Frankrijk misschien wel zouden moeten gaan verkopen. En ik baal dat ik zo vaak aan mijzelf getwijfeld heb, dat ik me zo vaak afgevraagd heb of ik het allemaal wel goed deed, of ik Henk wel de zorg, de liefde en de aandacht gaf die hij nodig had. Ik had graag op dag 1 al geweten van de lotgenoten groepen op Facebook waar ik zoveel steun, advies, herkenning en dierbare nieuwe mensen heb leren kennen.

Zaterdag 3 december 2016 bleek een dag in ons leven te zijn die ik liever over had willen kunnen slaan. Een dag die ons veel ontnomen heeft, en waarop we veel verloren hebben. Een dag ook die nog dagelijks zijn stempel drukt. En tegelijkertijd is het ook een dag die ons veel gebracht en gegeven heeft. Een dag die, hoe tegenstrijdig dat wellicht ook klinkt, ook heel veel moois op ons pad gebracht heeft.

We hebben stap voor stap een nieuw evenwicht gevonden in ons leven met NAH. Ik durf wat meer op mijzelf te vertrouwen en Henk kan wat makkelijker om mijn hulp vragen. We koesteren de kleine en vieren de grote(re) successen. We genieten volop van de rust en de stilte om ons heen en bouwen rustig en vol vertrouwen aan ons leven hier in de Auvergne.

Na 2 jaar leven in de wondere wereld van NAH weet ik dat herstel niet vanzelf gaat. Weet ik dat de medische wereld (nog) lang niet alles weet wat er over (het herstel van) onze hersenen te weten valt. Weet ik dat artsen er faliekant naast kunnen zitten – en sommigen zich gelukkig niet te groot voelen om dat achteraf ook toe te geven. Weet ik dat Henk met zijn herstel alle medische wetten tart. Weet ik dat Henk bijzonder is – voor het geval iemand daar nog aan twijfelde. Weet ik dat er nog een enorm potentieel in hem huist dat klaar ligt om aangeboord te worden. Maar ik weet helaas ook dat er in hulpverleningsland nog veel te weinig kennis is over en begrip is voor NAH. Gelukkig staat NAH  steeds meer in de belangstelling. Er verschijnen blogs en boeken, waardoor de kennis over (de impact van) NAH langzaam toe aan het nemen is. Ook ik probeer met mijn blog mijn eigen steentje bij te dragen aan het vergroten van de bekendheid van NAH.

Ik ben enorm trots op Henk, op wat hij de afgelopen 2 jaar bereikt heeft, op hoe hij zich staande heeft gehouden in die wondere, soms oh zo onbegrijpelijke, vaak heel erg eenzame, en meestal behoorlijk moeilijke wereld van NAH. Jezelf zo kwijt zijn, jezelf zo missen, soms zo verloren zijn in je nieuwe ik. Dag in dag uit blijven knokken, blijven oefenen, nieuwe doelen blijven stellen, van geen opgeven weten, hoe zwaar je het som ook hebt. Doe hem dat maar eens na….

Ik ben trots op het team dat Henk en ik vormen. Ik ben trots dat onze reis door de wondere wereld van NAH ons een nieuwe thuisbasis heeft gegeven. Ik ben trots dat we kansen zagen en gegrepen hebben.

Gisteren was een dag om terug te kijken op 3 december 2016 en op de 2 jaar die volgden. Vandaag kijken we weer vooruit naar de mooie toekomst die op ons ligt te wachten.

Depressie

DSC_2476Mijn vorige blog eindigde met de depressie van Henk. Op veel websites met informatie over CVA  lees je dat sombere buien kenmerkend zijn voor niet aangeboren hersenletsel. Ook een depressie komt vaak voor. Cijfers hierover variëren echter nogal. En hoewel ik Henk regelmatig op sombere, en soms zelfs ronduit depressieve, buien kon betrappen, was ik er toch lang van overtuigd dat een depressie zijn deur voorbij zou gaan. Henk kon immers ook opgewekt en vrolijk zijn (hoewel hij achteraf bezien misschien eerder opgewekt en vrolijk deed). Hij was goed bezig, werkte zo hard aan zijn herstel en we gingen zelfs onze Franse droom proberen waar te maken. En ok, er waren die eerder genoemde donkere buien en er waren periodes dat hij heel somber, angstig en verdrietig was. En hij kon zich inderdaad over heel veel dingen druk maken, kon onoverkomelijke beren en problemen op zijn pad zien en hij was een meester in het piekeren geworden. Maar toch…..  Heb ik (te?) lang gedacht dat dit “normaal” was in die wondere wereld van NAH.

Een aantal dingen zag ik namelijk ook in mijzelf terug. Eén van mijn sterkste herinneringen aan 3 december 2016 is immers de intense angst dat ik Henk zou gaan verliezen. Het is een angst die ik sindsdien dagelijks in een vakje van mijn hart met mij mee draag, die meestal ergens op de achtergrond zweeft, maar die ook ineens weer heel fel op kan laaien. Het is een angst die mij ’s nachts nog steeds wakker kan doen schrikken. Het is een angst die er voor zorgt dat ik als een havik over Henk waak, beducht op ieder afwijkend zuchtje, steuntje en kreuntje.

Waar ik de angst om Henk te verliezen nooit meer kwijt geraakt ben, blijft bij Henk altijd de angst om nooit meer 100% de oude te worden. Hij is bang dat zijn arm en hand niet verder zullen herstellen, bang dat hij de rest van zijn leven zal blijven stuntelen, bang dat hij niet meer de dingen zal kunnen doen waar hij altijd zo blij van werd. Hij is bang dat zijn lichaam altijd pijn zal blijven doen, dat hij nooit meer iets zal kunnen voelen met zijn linker hand, dat hij altijd een verhoogde spierspanning in zijn arm en been zal blijven houden, en dat ook al die andere lichamelijke ongemakken nooit meer zullen verdwijnen. Hij is bang dat de niet zichtbare gevolgen van zijn NAH altijd een stempel op zijn leven zullen blijven drukken, bang dat hij nooit meer gewoon blij en gelukkig zal kunnen zijn en hij zich nooit meer gewoon “goed” zal kunnen voelen. Dit zijn angsten die niet meer zullen verdwijnen, zelfs al bewijst de praktijk dat er ook na 2 jaar nog steeds herstel zichtbaar blijft.

In de loop der maanden is Henk door alle negatieve emoties en gedachten steeds een beetje somberder geworden. Dit was zo’n geleidelijk proces dat het mij in het begin niet eens opgevallen was. Dat veranderde echter toen we een paar weken in Frankrijk waren. In de omgeving die normaal zo heilzaam was, bleek pas echt hoe zwaar het leven voor Henk geworden was. Zo zwaar zelfs dat Henk openlijk aan de zin van het leven begon te twijfelen. Het leek wel alsof de teleurstelling dat Frankrijk geen miraculeus medicijn tegen alle klachten was, samen met de emoties die nou eenmaal bij een verhuizing en een totaal nieuw leven horen, een versnelling van zijn negatieve spiraal brachten.

Omdat Henk in Nederland ook al onder sombere buien gebukt kon gaan, heeft hij tot 2x toe behandeling bij een psycholoog gezocht. Helaas heeft dit pad hem beide keren niet gebracht waar hij naar op zoek was. Hij vond bij beiden niet de klik en trof er niet de behandeling die hij nodig had. In de tussentijd was hij in overleg met onze huisarts in Barendrecht gestart met antidepressiva, die hem ogenschijnlijk wat rust brachten. En omdat sabbatical en verhuizing inmiddels ook in rap tempo dichterbij kwamen, hebben we geen vervolg traject gezocht en al onze aandacht op onze toekomstplannen gericht. Bovendien waren we in de tussentijd gestart met Mindfulness, waar Henk veel baat bij leek te hebben. Eenmaal in Frankrijk bleek dit allemaal helaas toch niet afdoende te zijn.

In overleg met onze Franse huisarts is Henk half september overgestapt op andere antidepressiva. Op dag 2 kreeg hij last van bijna alle bijwerkingen die in de bijsluiter genoemd werden. Bijwerkingen die hem nog zieker maakten dan hij al was. Maar die ons ook de hoop gaven dat ze hem zouden kunnen gaan helpen om tussen de donderwolken door af en toe een zonnetje te zien schijnen. Dat ze hem zijn energie en de zin om dingen te ondernemen terug zouden kunnen geven.  Dat ze hem zouden kunnen gaan helpen om meer plezier in het leven te krijgen. Dat ze hem zouden kunnen gaan helpen om ook de mooie dingen in zijn leven weer te gaan zien. Al die vervelende bijwerkingen toonden immers aan dat zijn lichaam reageerde.

Er is mijn ogen naast NAH nog zo veel moois in zijn leven om trots op te zijn, om blij van te worden, om gelukkig mee te zijn. Als ik naar Henk kijk, zie ik een man die van geen opgeven weet, die ongelooflijk veel bereikt heeft en die alle reden heeft om daar enorm trots op te zijn. Henk daarentegen ziet alleen de dingen hij nog niet kan en voelt 24 uur per dag de angst dat dit nooit meer zal verbeteren. Ik zie een man die nog steeds tot bijzondere dingen in staat is. Maar Henk ziet zichzelf alleen maar stuntelen. Ik zie een man met kwaliteiten, een man die mij aanvult, een man die mij ontzettend gelukkig maakt, een man ook die ik heel hard nodig heb. Henk daarentegen ziet een man die nutteloos is en niet meer voor mij kan zorgen. Ik zie een man van wie ik met heel mijn hart houd. Henk ziet iemand die mijn liefde niet echt meer waard is.

Het precieze verband tussen depressie en een CVA is voor de heren medici nog steeds niet helemaal duidelijk. Aan de ene kant speelt mee dat het vaak moeilijk is om te moeten leven met de gevolgen van het CVA. Aan de andere kant heeft het herseninfarct (of de hersenbloeding) zelf ook een directe impact op de hersenen. De depressie is hierdoor ook een rechtstreeks gevolgd van de schade die aan de hersenen is ontstaan. Ook bij Henk zullen de littekens van zijn herseninfarct zeker bijgedragen hebben aan het ontstaand van zijn depressie. Tegelijkertijd vormen zijn angsten voor de toekomst en het nog te verwachten verdere herstel de voedingsbodem waarop zijn depressie groeit en bloeit. “Als mijn lichaam het nou maar gaat doen, El, dan komt de rest vanzelf wel” is inmiddels bij ons thuis bijna een gevleugelde uitspraak geworden.

Inmiddels  ligt de wisseling van antidepressiva ruim 2 maanden achter ons. Maanden waarin we meerdere keren de bodem van de put bereikt hebben. Maar ook maanden waarin de antidepressiva – in mijn ogen althans – hun nut en werking zijn gaan bewijzen. De downs worden nu af en toe afgewisseld met hele kleine ups. Henk krijgt weer wat meer energie, heeft vaker zin om dingen te ondernemen, neemt meer initiatief, gaat vaker zien dat iets “mooi” of “fijn” is, en krijgt steeds meer oog voor de wereld om zich heen. De betere momenten blijven broos en fragiel, maar krijgen gelukkig steeds meer de overhand. Henk is duidelijk bezig om het donkere monster van depressiviteit stapje voor stapje te overwinnen. Een overwinning die de weg opent om in 2019 ‘echt’ van start te gaan met ons bedrijf en samen een mooie toekomst hier in Frankrijk op te bouwen.

Loslaten

DSC_2458Op Facebook las ik een spreuk die nu al een paar dagen in mijn hoofd zit: wie het leven ten volle wil leven moet niet vasthouden maar loslaten. Ik weet eigenlijk niet wat lastiger is, vasthouden of toch kiezen voor loslaten en daarmee kiezen voor verandering? En wat maakt dat ik de ene keer kan loslaten, maar de volgende keer met beide handen stevig vast blijf houden?

Meestal is het de angst voor het onbekende die mij weerhoudt. Maar het is net zo vaak het gehecht zijn aan het bekende dat mij stevig vast laat houden aan wat ik doe en aan waar of met wie ik ben. Voor Henk en mij is het ook juist de combinatie van deze twee geweest die ons lang weerhouden heeft om onze droom achterna te gaan. Er was ook ieder jaar wel weer een (goede) reden om nog niet naar Frankrijk te vertrekken, om nog een jaartje te wachten. Onze bruiloft, de operaties van mijn moeder, het hartaanval van mijn vader, dat mooie project op mijn werk of die interessante opdracht bij die klant voor Henk, en ga zo maar door. En eerlijk gezegd waren we misschien simpelweg ook wel gewoon te gelukkig met ons leven. We koesterden onze mooie plek in Frankrijk en brachten daar al onze vakanties en vrije dagen door. Terug in Nederland deden we wat we altijd deden, waren we gelukkig, verlangden we naar de volgende vakantie op onze mooie plek en droomden we regelmatig dat we daar “ooit” zouden gaan wonen.

Als ons leven op 3 december 2016 niet volledig op zijn kop was komen te staan, hadden we dit ongetwijfeld nog heel lang op deze manier vol kunnen houden. Maar op 3 december 2016 werd voor ons alles anders. Met NAH kwam er een onbekende reiziger in ons vertrouwde leven in Nederland. Met NAH veranderde onze blik op ons leven, op onze toekomst. Met NAH keken we met andere ogen naar onze droom. Door NAH kon het onbekende ons niet langer afschrikken. Dankzij NAH durfden we ons hart te laten spreken.  En zo heeft NAH en de onbekendheid met wat NAH ons allemaal nog zou gaan brengen, ons geholpen om een nieuwe toekomst in Frankrijk tegemoet te reizen.

In de aanloop naar ons vertrek heb ik ontdekt dat het moed vergt om het bekende en het vertrouwde los te laten. Sinds ons vertrek heb ik geleerd dat loslaten ook rouw brengt, en gemis. Er was moed nodig om de zekerheden van ons Nederlandse leven, en van werk en inkomen, los te laten. Er was moed nodig om het sociale vangnet van familie en vrienden, vrijwilligerswerk, sportschool, fysiotherapeut, personal trainer achter te laten. En er is moed nodig om in Frankrijk een nieuw bestaan, en een nieuw bedrijf, op te bouwen. We hebben deze stap kunnen zetten, omdat we er allebei van overtuigd zijn dat we in Frankrijk onze draai zullen vinden. Samen zijn we bovendien moedig genoeg zijn om alles wat daarbij op ons pad komt het hoofd te kunnen bieden.

Loslaten brengt ook het gemis van lieve familie en vrienden. Loslaten brengt het gemis van vertrouwde paden en patronen. Het vergt kracht om dit gemis van onder ogen te zien. Kracht om niet stil te blijven staan bij het verleden, bij dat wat geweest is, bij dat wat ooit was. Kracht om niet steeds over de schouder te kijken en te verlangen naar dat wat achter ons ligt. Kracht om het verleden niet te romantiseren. De afgelopen maanden heb ik ontdekt dat dit voor Henk een valkuil is. Het terugverlangen naar het gezonde lichaam en de gezonde geest van 2 december 2016 zit zijn geluk van vandaag in de weg. Een zware depressie volgde. Meer hierover lees je in een volgende blog.

Ritme, rust en regelmaat

DSC_2268Bijna iedereen die wel eens een blik op de wondere wereld van NAH heeft geworpen, weet hoe belangrijk de 3 R-en van Ritme, Rust en Regelmaat zijn. Ook ik leerde al snel om deze 3 R-en in ere te houden. Zonder ritme geen regelmaat, zonder regelmaat geen structuur, zonder structuur geen rust en zonder rust…. ontstaat er chaos in het hoofd van Henk. 

Ons plan van een sabbatical klonk vooraf – op papier –zo goed en zo weldoordacht, maar blijkt in de praktijk een flinke streep door de 3 R-en te trekken. En dat begon al in de weken van voorbereiding waarin ons huis steeds meer ontmanteld raakte, en Henk’s ritme steeds meer doorbroken werd. Rust, ritme en regelmaat waren hierdoor soms ver te zoeken. Dat kwam ook doordat ik had bedacht dat we voor onze sabbatical zouden gaan “ontspullen”, dat we afscheid zouden nemen van veel van de (in mijn ogen onnodige) ballast die we in de loop der jaren verzameld hadden. Dus in plaats van te rusten, maakte Henk samen met mij ritje na ritje naar de lokale milieustraat. Zolder en garage ruimden zo inderdaad lekker op. En ook in mijn hoofd ontstond steeds meer ruimte. Bij Henk werkte dat echter toch een beetje anders. Ieder ritje met een volgeladen auto was voor hem vooral een afscheid van dat wat ooit geweest was. En ieder afscheid benadrukte het verdriet om het verlies dat hij dagelijks ervaart.

Het ritme en de regelmaat werden in die laatste weken voor ons vertrek ook op een andere manier verstoord. Na een dag sjouwen met spullen, hadden we immers lang niet altijd meer zin (of energie) om ’s avonds nog naar de sportschool te gaan. Ook dat betekende een streep door het vertrouwde ritme, een verstoring van de opgebouwde regelmaat. Bovendien moest Henk afscheid gaan nemen van zijn vrijwilligerswerk bij De Zorgnijverij en bij Wiveco, waardoor er weer een stukje ritme en regelmaat verdween.

Inmiddels zijn we al 2,5 maand in ons Franse huis. De dagen rijgen zich aaneen en de weken vliegen ook hier met schrikbarende snelheid voorbij. Maar rust, ritme en regelmaat lijken hun weg naar het Franse platteland nog lang niet gevonden te hebben. Of misschien zijn ze, zoals wij dat ook zo vaak nog zijn, onderweg verdwaald in die wondere wereld van NAH.  En waar ik voorheen zo goed in staat was om de 3 R-en met verve te bewaken, merk ik dat ik nu juist op dat vlak tekort ben gaan schieten. Onze sabbatical – of proef-emigratie of hoe je het ook noemen wilt – raakt mij meer dan ik vooraf had bedacht. We gingen immers naar ons eigen huis, naar een vertrouwde omgeving waar we al 6,5 jaar komen, waar een warm sociaal netwerk op ons wachtte. En toch…. Is het vreemd, onwennig, en anders nu we hier niet voor een weekje vakantie zijn. Het brengt een nieuwe rollercoaster aan emoties, waardoor mijn automatische piloot wat ontregeld is geraakt en ik onderweg mijn eigen ritme en regelmaat een beetje ben kwijt geraakt.

Het is me nog niet gelukt om in ons Franse leven een nieuw ritme en een nieuwe regelmaat voor mijzelf te vinden.  Laat staan dat ik voor Henk een nieuw ritme en een nieuwe regelmaat kan creëren.   Ik ben niet alleen voor mijzelf nog te veel  zoekende, maar merk ook dat lijf en hoofd, na 1,5 jaar actiemodus, nu in een soort van vakantiemodus zijn blijven hangen. En juist op vakantie worden de teugels van ritme en regelmaat vaak een beetje gevierd. Een dubbele ‘handicap’ dus.

Hoewel ritme en regelmaat dus nog ver te zoeken zijn, zijn we er gelukkig wel in geslaagd om de laatste “R” wat beter in ere te houden. Letterlijk dan, want het uurtje rusten na de lunch is voor Henk al vrij snel een nieuw automatisme is geworden. Figuurlijk zijn we nog niet zo ver en zit ons hoofd nog te vol met onrust.

Ik heb mijzelf voorgenomen om er voor te zorgen dat ook het ritme en de regelmaat weer terug gaan keren in ons leven. Niet omdat dit “moet” maar omdat wij er allebei simpelweg beter op gedijen. Ik denk er zelfs over om het notitieboekje waarin ik iedere zondagavond trouw voor Henk het weekschema schreef toch maar weer tevoorschijn te toveren.

Het roer om – vervolg

roer omIn mijn vorige blog nam ik jullie mee in ons besluit om naar Frankrijk te vertrekken. Ik schreef over mijn omscholing tot rouw- en verliescoach en mijn plannen om na de zomer een online praktijk op te zetten. Ik begin hiervoor inmiddels aardig thuis te raken in de Franse equivalenten van de Nederlandse eenmanszaak en ook de studieboeken blijven niet onaangeroerd. Deze zomer nemen we echter eerst bewust de tijd om te acclimatiseren, te landen in ons Franse leven. Ook gunnen we onszelf deze eerste weken de tijd om op te laden, om toerist te spelen en om nieuwe energie op te doen.

Dat neemt niet weg dat ook het uitwerken van de business plannen voor onze conciergerie en voor mijn praktijk als rouw- en verliescoach in mijn hoofd bijna non-stop door gaat. Het geeft veel nieuwe energie om met iets compleet anders bezig te zijn. Het zorgt er tegelijkertijd voor dat ik weinig kans krijg om Nederland of mijn vroegere HR werkzaamheden te missen.

Volgens de Franse cijfers is Frankrijk met ruim 3 miljoen tweede huizen koploper in Europa. Ook in onze regio zijn er veel 2e huizen, van Fransen, maar ook van Nederlanders, Engelsen en Belgen. En er komen er steeds meer bij. Ook zijn er steeds meer Nederlanders en Belgen die zich hier permanent vestigen. Met een breed pallet aan services richten wij ons met onze conciergerie op beide groepen en bedienen wij zowel de 2e huizenbezitters als degenen die zich hier permanent gevestigd hebben. Bijvoorbeeld door te bemiddelen op al die vlakken waar de Franse taal een barrière vormt. Of door als sleutelbeheerder een oogje in het zeil te houden als de eigenaar er zelf niet is, en het huis te controleren op schade na onweer, hagel , strenge vorst of zware storm. Maar ook zaken als het luchten of opwarmen van het huis voor aankomst , klein onderhoud, stookolie / gas / stookhout bestellen en ontvangen, post doorsturen naar Nederland, de eerste boodschappen in huis halen en de koelkast vullen, of de schoorsteen laten vegen, behoren straks tot ons dienstenpakket.

Ik vind het mooi om te zien hoe Henk met de commerciële kant van ons bedrijfsplan bezig is, hoe hij plannen maakt om onszelf bekend te maken in de regio. En hoe hij hier inmiddels ook al de eerste voorzichtige concrete stappen voor aan het zetten is. Ik merk dat dit hem energie geeft , dat het goed is voor zijn zelfbeeld en zijn zelfvertrouwen. En laat dat nou net een belangrijke reden zijn geweest om samen dit avontuur aan te gaan.

Een avontuur waarvan wij niet weten waar het ons uiteindelijk zal gaan brengen. We merken allebei dat het ons goed doet om hier te zijn. Het is vertrouwd en vreemd tegelijkertijd. Vertrouwd omdat we al 6,5 jaar iedere vakantie in dit huis hebben doorgebracht. Maar tegelijkertijd is het vreemd en voelt het onwennig. We namen eerder altijd de hectiek van Nederland met ons mee en hadden tijdens iedere vakantie een hele waslijst van dingen om ‘snel snel’ te doen. Maar ook ons werk namen we altijd mee, we hebben hier in de voorgaande jaren dan ook aardig wat uurtjes samen aan de keukentafel doorgebracht, ieder achter een laptop, turend naar het beeldscherm, of met een telefoon aan ons oor. Die druk is nu weg. Dat geeft rust, maar brengt tegelijkertijd ook een nieuw soort spanning, een nieuw soort onrust. Hier wonen is immers nog een nieuw en ongrijpbaar fenomeen. Als dit voor mij al lastig is, hoe moeilijk moet dat dan wel niet zijn voor Henk en zijn beschadigde brein.

Maar ook hier slaat hij zich, zoals bij alles wat hij doet, over het algemeen goed doorheen. Ook al wankelt hij soms, ook al voeren angst en spanning soms de boventoon, ook al is het bij vlagen zwaar en zoekt hij nog naar een nieuw evenwicht. Ik vind het dapper, stoer ook, dat Henk deze stap heeft durven, heeft kunnen, zetten. Een sprong in het diepe, op weg naar het onbekende, het onzekere tegemoet, terwijl voor Henk zekerheden en vastigheden juist zo belangrijk zijn geworden. Tegelijkertijd vind ik het ook best een beetje stoer, en dapper, van mijzelf. Ons credo is echter niet voor niets al ruim 12 jaar: “samen kunnen wij alles”. Dus ook deze stap kunnen wij samen aan. Ook al is het soms moeilijk, voor Henk, maar ook voor mij. Ook al worden pieken afgewisseld door soms diepe dalen.

Het roer is om, maar het pad oogt nog wat hobbeliger dan wij ons voorgesteld hadden. In ons enthousiasme, of noem het naïviteit, hebben we er iets te weinig rekening mee gehouden dat NAH als een wat sombere, mopperige, zwaarmoedige metgezel met ons mee zou reizen. In mijn hoofd wist ik dat onze altijd zo magische plek echt geen miraculeus recept tegen alle (on)zichtbare bijwerkingen van NAH zou zijn. Hoewel ik in mijn hart natuurlijk anders had gehoopt. Maar dat onze magische plek af en toe licht vertroebeld dreigt te raken door de met ons mee reizende NAH had ik me vooraf nooit kunnen bedenken. Toch is het zo, helaas. De wondere wereld die NAH ons bracht, blijft ons nog met regelmaat verwonderen. We zijn nog iets te vaak de tomtom en de oude vertrouwde wegenkaart “kwijt”, en het is voor ons allebei nog zoeken naar de beste weg op ons nieuwe, nog niet gebaande, levenspad. Zoeken naar het juiste evenwicht tussen prikkelrijk en prikkelarm. Zoeken naar de juiste rustpunten, in een dag, in een week, in een maand en in een jaar. Zoeken naar de juiste balans tussen actief zijn en rust nemen.

We hebben de afgelopen 1,5 jaar vaker een verandering van een eerder opgebouwde regelmaat, een vertrouwd geworden ritme, meegemaakt. En al die veranderingen brachten hun eigen gewenningsproces met zich mee. En net zoals al die keren hiervoor zullen we ook nu weer wennen aan alle veranderingen, zullen we ook nu weer een ritme vinden dat past bij Henk, zijn NAH, en bij mij. Ik realiseer me soms nog te weinig dat ik daarin een sleutelrol speel en dat ik nog wel eens te veel, te snel wil. Het grote verschil met de eerdere veranderingen is echter dat het nu voor mij ook allemaal nog zo nieuw is, dat ik zelf ook nog zoekende ben. Maar ook hier zal ik weer een weg in weten te vinden. Dat is mij eerder immers ook gelukt.

Hoewel het in onze eerste Franse weken soms dus kan voelen als koorddansen op een te hoog, te wiebelig koord, zonder voldoende valbescherming, voelt iedere dag hier tegelijkertijd ook als thuis zijn. In iedere blik op het mooie landschap om ons heen zit de juistheid van onze keuze verscholen. Ook in het feit dat Henk in de eerste weken hier opnieuw zichtbare vooruitgang heeft geboekt, dat er dagen zijn waarop hij geestelijk en emotioneel sterker is, blijer is, zie ik bevestiging dat het een juiste keuze is geweest om een sabbatical in Frankrijk te nemen. Deze momenten geven mij de kracht om door te gaan, ook (of juist) op de dagen waarop Henk het moeilijk heeft en veel somberder en verdrietiger is.

Het roer om

roer omIk heb vaak horen zeggen: “hersenletsel heb je niet alleen” maar kon me daar eigenlijk nooit iets bij voorstellen. Inmiddels weet ik beter…. Want niet alleen Henk moet leren leven in de wondere wereld van NAH. Ook ik moet hier een weg in zien te vinden. Ook ik moet leren leven met  veranderingen, veranderingen die  niet altijd zichtbaar zijn, maar die soms stiekem, soms abrupt, en soms heel geleidelijk, ons leven binnengeslopen zijn.  

Eén van de veranderingen die voor iedereen zichtbaar is, is dat ik stopte als HR Manager om primair partner en echtgenote te kunnen zijn (het woord “mantelzorger” blijf ik een naar woord vinden), om er voor Henk te kunnen zijn nu hij mij zo nodig heeft. Dit was weliswaar een bewuste keuze, maar ook één met een behoorlijke impact op mijn dagelijkse ritme, op wie ik ben, of eigenlijk op wie ik dacht te zijn. Een keuze die bevestigt dat het leven zoals ik dat kende vóór 3 december 2016 niet meer terug zal komen. Regelmatig wordt aan mij gevraagd of ik mijn werk niet heel erg mis. En hoe raar dat ook klinkt voor iedereen die mij een beetje kent (inclusief mijzelf), mijn antwoord is altijd een simpel en volmondig “nee”. Natuurlijk laat ik de 8 jaar vol ziel en zaligheid bij mijn laatste werkgever niet zomaar los, natuurlijk moest ik onthechten. Maar missen is een te groot woord. Ook zonder werk zijn mijn dagen vol. Ik ben bovendien bewust vrij snel mijn focus gaan verleggen door een opleiding tot rouw- en verliescounselor te gaan volgen.

Door de impact die Henk’s herseninfarct ook op mij had, ben ik het afgelopen jaar op zoek gegaan naar wat voor mij belangrijk is in het leven. Wat mij gelukkig maakt, als mens maar ook als professional. In mijn rol als HR Manager heb ik de laatste jaren meerdere reorganisaties moeten begeleiden, waardoor mijn zakelijke kant te veel overbelicht is geraakt. Door altijd maar zakelijk te moeten zijn, dreigden andere aspecten van mijn persoonlijkheid onder te sneeuwen. Aspecten die voor mij zelf heel erg belangrijk zijn en waar ik veel waarde aan hecht. Dat moest dus voortaan anders. Het HR vak is en blijft ‘mijn’ vak, daar liggen mijn wortels, daar ligt veel van mijn kennis, daar ligt een stukje van mijn hart. En daar wil ik in de toekomst ook zeker activiteiten in blijven ontplooien. Maar ik wil in mijn zakelijke leven bovenal op persoonlijk vlak iets voor anderen kunnen betekenen. Met mijn ervaringen van de afgelopen 1,5 jaar als basis, wil ik mensen gaan ondersteunen die met een verlies te maken krijgen, die door een verdrietige periode gaan, of die net als ik te maken krijgen met de wondere wereld van NAH.

De opleiding tot rouw- en verliescounselor vormt daarbij, samen met alle kennis en ervaring die ik in mijn eerdere HR rollen heb opgedaan, een zeer solide fundament om in het najaar een praktijk als (online) rouw- en verliescoach te kunnen starten. Een luisterend oor te bieden aan wie dit gebruiken kan, een schouder, maar ook praktische tips. Vanuit de basis van mindfulness te leren meer in het nu te leven, met aandacht voor alles wat er nu is. Aandacht voor fijne dingen, maar ook voor dat wat verdrietig of boos maakt. Allemaal online, via Skype, telefoon, whatsapp, en/of e-mail, of “thuis aan de keukentafel”, zodat ik ook als ik aan het werk ben bij Henk in de buurt kan blijven, ik er de deur niet voor uit hoef.

Ik ben heel benieuwd waar dit pad mij gaat brengen, en nieuwsgierig naar de verhalen en ervaringen die ik van mijn toekomstige cliënten zal gaan horen. Ik vind het spannend om iets te gaan doen wat zo van mijzelf is, wat zo dicht bij mijzelf staat. Waarin ik niet alleen mijn kracht, maar ook mijn kwetsbaarheid kan laten zien. Waar ik facetten van mijzelf in kwijt kan die voor mij belangrijk zijn. Waar mijn eigen stem gaat klinken. En ik voel niet voor niets een enorme drive om dit tot een succes te maken.

Iemand vroeg mij laatst of deze ommezwaai in mijn leven niet als een opoffering voelde. Ik hoefde geen seconde na te denken over mijn antwoord. Want nee, dit voelt absoluut niet als een opoffering. De spontane reactie “dan moet je wel heel erg veel van Henk houden” ontroerde mij. Want dat doe ik inderdaad. En ik vind het mooi dat dat gezien werd.  Het is voor mij absoluut geen straf om mijn leven op Henk af te stemmen, bij Henk in de buurt te zijn, integendeel zelfs! Ik bracht mijn tijd altijd al heel graag samen met hem door. Dat gevoel is op 3 december 2016 alleen maar versterkt.

Henk’s NAH heeft mij (ons) niet alleen op zakelijk vlak wakker geschud. Ook op persoonlijk vlak is het een wake-up call geworden. Sinds wij in januari 2012 een huis in Frankrijk hebben kunnen kopen, dromen wij over een langer verblijf in de mooie Auvergne. Een droom die lang een droom leek te blijven, allerlei emotionele, morele en zakelijke verplichtingen hielden ons namelijk in Nederland. En steeds opnieuw vonden wij een reden om toch maar niet onze droom achterna te gaan, toch “gewoon” in Nederland te blijven. Henk’s herseninfarct bracht het besef dat dromen er niet alleen maar zijn om gedroomd te worden. Het besef ook dat er altijd wel een reden gevonden kon worden om iets niet te doen, om uit te blijven stellen. Maar ook het besef dat de tijd ondanks alle extra uitdagingen in ons leven juist nu misschien wel rijp was om de stoute schoenen aan te trekken. Uiteraard ging dit gepaard met het nodige denk- en piekerwerk om de haalbaarheid van onze droom serieus te onderzoeken. Al snel bleek dat Henk’s NAH voor ons geen struikelblok hoefde te zijn, maar het werd wel degelijk een breinbreker. Was het wel slim of verstandig om deze stap te gaan zetten? Kan Henk zonder fysio? Zonder zijn vrijwilligerswerk? Zouden we het aankunnen? Vragen, vragen, vragen….

En toch…. Toen het zaadje eenmaal was geplant, konden alle vragen en tegenwerpingen het zaadje er niet meer van weerhouden om te gaan groeien en te blijven groeien. Want juist wij wisten als geen ander dat het leven niet maakbaar is. Dat dromen er niet zijn om alleen maar gedroomd te worden. Dat je niet tot morgen uit moet stellen wat je vandaag al kunt doen. Maar toch…. Emigreren is wel heel definitief.

En toen stelden Henk en ik onszelf al pratend, denkend en filosoferend begin april de vraag “en als we nu eerst eens een sabbatical nemen?”. Daarmee zouden we kunnen ervaren hoe het zou zijn om in Frankrijk te wonen, te ondernemen en te leven. Zouden we onszelf de tijd gunnen om te acclimatiseren, te wennen. En we zouden de administratieve rompslomp die hoort bij een emigratie nog even voor ons uit kunnen schuiven, de tijd kunnen nemen om ook dit goed te organiseren en te regelen. Vanaf dat moment ging het ineens heel snel.

Op 18 juni stond de verhuizer op de stoep, niet voor niets kozen wij voor deze dag, heel symbolisch, de datum van onze trouwdag. En op vrijdag 29 juni vertrokken wij naar Frankrijk. Daar ga ik eerst mijn opleiding afronden om in het najaar als (online) rouw- en verliescoach te kunnen starten. Daarnaast willen Henk en ik hier lokaal ook samen een bedrijfje opzetten, samen ondernemen, samen een “conciergerie” opzetten. Ook dat is spannend. Maar daarover in een volgende blog meer. Verder blijft er in en om het huis genoeg te klussen en te doen. En uiteraard blijven we sporten, fietsen en bewegen, bouwen we samen verder op de basis die door de fysio en tijdens de wekelijkse personal training met Bart is gelegd. En daarmee blijven we ook samen continu werken aan en knokken voor verder herstel.