Eye openers en inzichten

Hebben jullie dat ook wel eens? Dat je ineens, op een totaal onverwacht moment, tegen een eye opener en nieuwe inzichten aanloopt? Mij overkwam het eerder deze week toen ik een stukje proza las waar ik veel van mijzelf in herkende. Het ging niet over mij, en toch las ik over mijn eigen worsteling en over mijn eigen angsten. Diep van binnen kende ik al deze gevoelens natuurlijk al wel, wist ik zelfs al waar ze vandaan kwamen, maar nu durfde ik het – eindelijk – ook hardop aan mijzelf toe te geven. Dat alleen al zorgde voor een zee aan ruimte voor mogelijke oplossingen.

Ruim een half jaar geleden begonnen Henk en ik aan een nieuw traject van onze reis door de wondere wereld van NAH. Dit deel van onze “wereldreis” bracht ons naar onze fijne plek in de Franse Auvergne. Onze plek waar wij al zo veel gelukkige uren, dagen en weken doorgebracht hadden. Het viel ons daardoor heel erg zwaar dat ons traject hier veel hobbeliger bleek te worden dan wij vooraf ooit hadden kunnen bedenken. Maar wij hadden dan ook geen rekening gehouden met het zwarte moeras van Henk’s depressie.

Een moeras wat niet alleen Henk, maar ook mij danig in zijn greep wist (en weet) te houden. Ik heb de afgelopen maanden met al mijn liefde heel veel van mijzelf gegeven om Henk te helpen om uit dit moeras te komen. De zuigkracht van het moeras is echter zo sterk dat Henk iedere keer opnieuw terug gezogen wordt. Ik gooide steeds weer nieuwe reddingslijnen naar hem uit en was daar zo geconcentreerd mee bezig, dat ik mijzelf bijna voorbij gelopen en uit het oog verloren ben.

Samen met Henk ben ik vol enthousiasme, dromen en idealen aan ons Franse sabbatical avontuur begonnen. Vol overtuiging ook dat onze plek in de Auvergne voor vele jaren ons thuis zou gaan worden. Het was daarom best lastig om aan mijzelf toe te geven dat ik hier momenteel niet zo gelukkig ben als ik zou willen zijn. Nog veel lastiger is het om deze conclusie op deze plek, via mijn blog, aan de buitenwereld kenbaar te maken.

Ik heb vanaf mijn afstuderen altijd meer dan fulltime gewerkt, werd in mijn banen geestelijk uitgedaagd en haalde hier enorm veel voldoening uit. Ik merk nu dat dit in de loop der jaren zo’n groot onderdeel van mijzelf is geworden dat ik niet zo goed kan wennen aan een leven zonder. En dat de combinatie van sabbatical en (mantel)zorgen, met hoeveel liefde ik dat ook doe en altijd zal blijven doen, voor mij niet genoeg is om voldoening te brengen in mijn leven. Ik mis de vroegere uitdagingen en heb het blijkbaar meer nodig dan ik dacht om in ons leven samen ook een plekje voor mijn eigen ding te kunnen integreren.

Henk, zijn gezondheid, zijn welzijn, zijn welbevinden en zijn geluk zullen voor mij altijd bovenaan staan. Dat is hoe ik ben. Dat is wie ik ben. Ik kan niet anders en ik wil niet anders. Maar ik moet ergens een manier gaan vinden om ook beter voor mijzelf te leren zorgen. Om de wijze lessen die ik als de verliescoach aan anderen geef (nog) beter in mijn eigen leven in de praktijk te kunnen gaan brengen.

Het moeras van Henk heeft ook mij de afgelopen maanden behoorlijk wat drijfzand onder mijn voeten gegeven. Ik betrapte me er vlak na een weekje in Nederland zelfs op dat ik me afvroeg hoe het zou zijn om weer in Nederland te wonen, met familie en vrienden “om de hoek”. Diep van binnen weet ik echter dat dat niet is wat ik wil. Weet ik dat ik in Frankrijk wil zijn en blijven. Weet ik dat NAH ook in Nederland met ons mee zal reizen en dat Nederland ook niet op miraculeuze wijze alle plooien glad zal weten te strijken . Net zoals ik diep van binnen ook wel weet ik dat ik de sleutel tot geluk in mijzelf moet vinden en niet in het huis waarin ik woon. Het kan alleen, zoals een vriendin van mij het zo mooi omschreef, soms zo verrekt lastig zijn om de sleutel te vinden, goed in het slot te steken en vervolgens niet kwijt te raken. Daar ga ik dus de komende weken voor mijzelf mee aan de slag.

Als eerste stap ga ik mijzelf aanleren om het beeld los te laten dat ik ongemerkt in mijn hoofd over een sabbatical heb gevormd. Ik kan niet in Frankrijk wortelen en gelukkig zijn, als ik met een half been in Nederland blijf staan. Als ik ons verblijf hier met een “tijdelijke” bril blijf zien. Ik woon nu in Frankrijk. Dat is het enige wat telt. Wat morgen is of komt, waar ik dan woon, wat ik dan doe, dat zie ik morgen wel. Eigenlijk moet ik mijzelf opnieuw de les leren die zaterdag 3 december 2016 mij al eerder een keer geleerd heeft: het leven is niet maakbaar. Het leven komt zoals het komt. Leef nu, niet morgen.

Als tweede stap ga ik nog meer werk maken van onze zakelijke activiteiten. Ik ben al actief bezig om de verliescoach op de (social media) kaart te zetten en naamsbekendheid te genereren. Ik ga daarnaast samen met Henk een gedegen plan maken om in 2019 ook Service Total, sleutelbeheer en tal van intermediair- en concièrgerie-diensten in onze regio, serieus in de markt te zetten. Weer voldoening uit werk kunnen halen, zal ons allebei ongetwijfeld goed gaan doen.

En verder ga ik het sporten weer oppakken. Het uurtje fitness van dinsdagochtend smaakt voor mij overduidelijk naar meer, naar veel meer. Ik merk nu pas hoe erg ik dat heerlijke en voldane gevoel na een intensieve workout de afgelopen maanden heb gemist. Ik krijg hier weliswaar meer dan genoeg lichaamsbeweging, maar dat maakt niet dat blije stofje aan dat mijn hersenen nou eenmaal nodig lijken hebben.

De voor mij belangrijkste les van de afgelopen maanden is echter dat Henk en ik de juiste koers hebben uitgezet, zelfs al bezorgt het ons af en toe een behoorlijke “bumpy ride”. Ik ben blij dat we gekozen hebben voor meer tijd samen. En niet alleen omdat dat goed is voor Henk. Ik wil zelf ook echt niet meer terug naar de tijd waarin ik meer dan 40 uur per week aan het werk was en ik Henk zonder mij thuis achter moest laten. Waar ons pad ons in de komende jaren ook nog mag brengen, ik zal altijd zoeken naar wegen om zo veel mogelijk van onze tijd bij en met elkaar door te kunnen brengen. Niet omdat Henk niet (meer) zonder mij kan, maar simpelweg omdat ik mijn tijd niet (meer) zonder Henk wil doorbrengen.

Ik realiseer me dat ik er met al deze goede voornemens en plannen nog niet ben. Het zal de komende maanden heus niet ineens allemaal vanzelf gaan. En ik zal ongetwijfeld nog wel eens wankelen of twijfelen en ook de tranen zullen vast nog wel een keer hoog zitten. Ook zal ik het eerder genoemde moeras van Henk’s depressie ongetwijfeld nog meerdere keren aan mij voelen zuigen. De grote winst is echter dat ik een klein en aarzelend lichtpuntje ga zien waarmee ik op zoek kan naar een nieuwe bron van kracht. Om mijzelf te helpen en daarmee ook Henk (nog beter) te kunnen helpen.

Ik omschreef het afgelopen maandag al zo mooi in de Mindful Maandag blog op de website van de verliescoach: Opkomen voor jezelf betekent niet dat je tegen anderen bent, maar het betekent simpelweg dat je voor jezelf bent. Het betekent ook niet dat je er niet voor anderen kunt zijn. Het betekent alleen maar dat je leert om er – ook – voor jezelf te zijn. Ik concludeerde de blog met de woorden: Opkomen voor jezelf betekent gewoon dat je om jezelf geeft, dat je het beste met jezelf voor hebt. Als je goed op jezelf past, heb je ook anderen meer te bieden; zowel de mensen dichtbij, als degenen die verder bij je vandaan staan. Laat ik hier de komende tijd maar eens mijn credo van gaan maken…..


Depressie

DSC_2476Mijn vorige blog eindigde met de depressie van Henk. Op veel websites met informatie over CVA  lees je dat sombere buien kenmerkend zijn voor niet aangeboren hersenletsel. Ook een depressie komt vaak voor. Cijfers hierover variëren echter nogal. En hoewel ik Henk regelmatig op sombere, en soms zelfs ronduit depressieve, buien kon betrappen, was ik er toch lang van overtuigd dat een depressie zijn deur voorbij zou gaan. Henk kon immers ook opgewekt en vrolijk zijn (hoewel hij achteraf bezien misschien eerder opgewekt en vrolijk deed). Hij was goed bezig, werkte zo hard aan zijn herstel en we gingen zelfs onze Franse droom proberen waar te maken. En ok, er waren die eerder genoemde donkere buien en er waren periodes dat hij heel somber, angstig en verdrietig was. En hij kon zich inderdaad over heel veel dingen druk maken, kon onoverkomelijke beren en problemen op zijn pad zien en hij was een meester in het piekeren geworden. Maar toch…..  Heb ik (te?) lang gedacht dat dit “normaal” was in die wondere wereld van NAH.

Een aantal dingen zag ik namelijk ook in mijzelf terug. Eén van mijn sterkste herinneringen aan 3 december 2016 is immers de intense angst dat ik Henk zou gaan verliezen. Het is een angst die ik sindsdien dagelijks in een vakje van mijn hart met mij mee draag, die meestal ergens op de achtergrond zweeft, maar die ook ineens weer heel fel op kan laaien. Het is een angst die mij ’s nachts nog steeds wakker kan doen schrikken. Het is een angst die er voor zorgt dat ik als een havik over Henk waak, beducht op ieder afwijkend zuchtje, steuntje en kreuntje.

Waar ik de angst om Henk te verliezen nooit meer kwijt geraakt ben, blijft bij Henk altijd de angst om nooit meer 100% de oude te worden. Hij is bang dat zijn arm en hand niet verder zullen herstellen, bang dat hij de rest van zijn leven zal blijven stuntelen, bang dat hij niet meer de dingen zal kunnen doen waar hij altijd zo blij van werd. Hij is bang dat zijn lichaam altijd pijn zal blijven doen, dat hij nooit meer iets zal kunnen voelen met zijn linker hand, dat hij altijd een verhoogde spierspanning in zijn arm en been zal blijven houden, en dat ook al die andere lichamelijke ongemakken nooit meer zullen verdwijnen. Hij is bang dat de niet zichtbare gevolgen van zijn NAH altijd een stempel op zijn leven zullen blijven drukken, bang dat hij nooit meer gewoon blij en gelukkig zal kunnen zijn en hij zich nooit meer gewoon “goed” zal kunnen voelen. Dit zijn angsten die niet meer zullen verdwijnen, zelfs al bewijst de praktijk dat er ook na 2 jaar nog steeds herstel zichtbaar blijft.

In de loop der maanden is Henk door alle negatieve emoties en gedachten steeds een beetje somberder geworden. Dit was zo’n geleidelijk proces dat het mij in het begin niet eens opgevallen was. Dat veranderde echter toen we een paar weken in Frankrijk waren. In de omgeving die normaal zo heilzaam was, bleek pas echt hoe zwaar het leven voor Henk geworden was. Zo zwaar zelfs dat Henk openlijk aan de zin van het leven begon te twijfelen. Het leek wel alsof de teleurstelling dat Frankrijk geen miraculeus medicijn tegen alle klachten was, samen met de emoties die nou eenmaal bij een verhuizing en een totaal nieuw leven horen, een versnelling van zijn negatieve spiraal brachten.

Omdat Henk in Nederland ook al onder sombere buien gebukt kon gaan, heeft hij tot 2x toe behandeling bij een psycholoog gezocht. Helaas heeft dit pad hem beide keren niet gebracht waar hij naar op zoek was. Hij vond bij beiden niet de klik en trof er niet de behandeling die hij nodig had. In de tussentijd was hij in overleg met onze huisarts in Barendrecht gestart met antidepressiva, die hem ogenschijnlijk wat rust brachten. En omdat sabbatical en verhuizing inmiddels ook in rap tempo dichterbij kwamen, hebben we geen vervolg traject gezocht en al onze aandacht op onze toekomstplannen gericht. Bovendien waren we in de tussentijd gestart met Mindfulness, waar Henk veel baat bij leek te hebben. Eenmaal in Frankrijk bleek dit allemaal helaas toch niet afdoende te zijn.

In overleg met onze Franse huisarts is Henk half september overgestapt op andere antidepressiva. Op dag 2 kreeg hij last van bijna alle bijwerkingen die in de bijsluiter genoemd werden. Bijwerkingen die hem nog zieker maakten dan hij al was. Maar die ons ook de hoop gaven dat ze hem zouden kunnen gaan helpen om tussen de donderwolken door af en toe een zonnetje te zien schijnen. Dat ze hem zijn energie en de zin om dingen te ondernemen terug zouden kunnen geven.  Dat ze hem zouden kunnen gaan helpen om meer plezier in het leven te krijgen. Dat ze hem zouden kunnen gaan helpen om ook de mooie dingen in zijn leven weer te gaan zien. Al die vervelende bijwerkingen toonden immers aan dat zijn lichaam reageerde.

Er is mijn ogen naast NAH nog zo veel moois in zijn leven om trots op te zijn, om blij van te worden, om gelukkig mee te zijn. Als ik naar Henk kijk, zie ik een man die van geen opgeven weet, die ongelooflijk veel bereikt heeft en die alle reden heeft om daar enorm trots op te zijn. Henk daarentegen ziet alleen de dingen hij nog niet kan en voelt 24 uur per dag de angst dat dit nooit meer zal verbeteren. Ik zie een man die nog steeds tot bijzondere dingen in staat is. Maar Henk ziet zichzelf alleen maar stuntelen. Ik zie een man met kwaliteiten, een man die mij aanvult, een man die mij ontzettend gelukkig maakt, een man ook die ik heel hard nodig heb. Henk daarentegen ziet een man die nutteloos is en niet meer voor mij kan zorgen. Ik zie een man van wie ik met heel mijn hart houd. Henk ziet iemand die mijn liefde niet echt meer waard is.

Het precieze verband tussen depressie en een CVA is voor de heren medici nog steeds niet helemaal duidelijk. Aan de ene kant speelt mee dat het vaak moeilijk is om te moeten leven met de gevolgen van het CVA. Aan de andere kant heeft het herseninfarct (of de hersenbloeding) zelf ook een directe impact op de hersenen. De depressie is hierdoor ook een rechtstreeks gevolgd van de schade die aan de hersenen is ontstaan. Ook bij Henk zullen de littekens van zijn herseninfarct zeker bijgedragen hebben aan het ontstaand van zijn depressie. Tegelijkertijd vormen zijn angsten voor de toekomst en het nog te verwachten verdere herstel de voedingsbodem waarop zijn depressie groeit en bloeit. “Als mijn lichaam het nou maar gaat doen, El, dan komt de rest vanzelf wel” is inmiddels bij ons thuis bijna een gevleugelde uitspraak geworden.

Inmiddels  ligt de wisseling van antidepressiva ruim 2 maanden achter ons. Maanden waarin we meerdere keren de bodem van de put bereikt hebben. Maar ook maanden waarin de antidepressiva – in mijn ogen althans – hun nut en werking zijn gaan bewijzen. De downs worden nu af en toe afgewisseld met hele kleine ups. Henk krijgt weer wat meer energie, heeft vaker zin om dingen te ondernemen, neemt meer initiatief, gaat vaker zien dat iets “mooi” of “fijn” is, en krijgt steeds meer oog voor de wereld om zich heen. De betere momenten blijven broos en fragiel, maar krijgen gelukkig steeds meer de overhand. Henk is duidelijk bezig om het donkere monster van depressiviteit stapje voor stapje te overwinnen. Een overwinning die de weg opent om in 2019 ‘echt’ van start te gaan met ons bedrijf en samen een mooie toekomst hier in Frankrijk op te bouwen.